Het gebruik van melk en lactose in de voedingsindustrie |
|
|
Melkbestanddelen en hun functionele technologische eigenschappen: inleidingDe laatste jaren zijn koemelk of meer bepaald sommige bestanddelen van koemelk meer en meer aanwezig in voedingsmiddelen. De technologische ontwikkeling heeft het mogelijk gemaakt om interessante functionele eigenschappen van de koemelkbestand-delen te ontdekken, zoals hieronder (1.2.1) nader beschreven. Dit is de reden waarom we de ontwikkeling van kant-en-klaar gerechten op de voedingsmid-delenmarkt nader bekijken [13,14].
Opmerking : zowel de caseïne als de soja-eiwitten kunnen aanwezig zijn in het papier en het karton dat in contact komt met vochtige en/of vetrijke voedingsmiddelen. Het KB van 11 mei 1992 met betrekking tot materialen en voorwerpen om met voedingsmiddelen in contact te komen (laatste wijziging: 18 september 2008), Bijlage IV, § III, 3.2.3, preciseert dat caseïne en soja-eiwitten mogen (of kunnen) overgaan in de samenstelling van deze materialen met een maximale dosis van 4 g/m² op het oppervlak. Het KB waarover sprake geeft spijtig genoeg geen lijst van materialen en voorwerpen die een risico vormen. Op dezelfde wijze kunnen lipidencomplexen, lactose en mineralen geïsoleerd worden voor technologische of nutritionele toepassingen in sommige producten. Voor meer informatie: raadpleeg CIRIHA.
Functionele eigenschappen van melkbestanddelen en hun toepassingen in voedingsmiddelen - Bronnen : [14-16,18-20]
|

